Vrijdag – Priem

korte stilte

℣ God, kom mij te hulp,
℟ Heer, haast u mij te helpen.

Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
zoals het was in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen. Amen. Halleluja.

hymne: Jam lucis orto sidere

De zon verrijst in rode gloed,
nu bidden wij tot onze Heer,
dat hij ons deze dag ook weer
voor al wat schade brengt behoedt.

Dat hij de tong in onze mond
beteugelt tegen haat en nijd,
ons oog behoedt voor ijdelheid
en houdt het zuiver en gezond.

Wanneer wij leven tot Gods eer
en matig zijn in spijs en drank,
dan brengt ons hart de hemel dank
en kent geen trots en tweedracht meer.

Opdat wanneer het daglicht scheidt
en rond ons zich het duister legt,
wij, aan het wereldse onthecht,
zingen des Heren heerlijkheid.

O trouwe Vader, sta ons bij,
en Zoon, de Vader gans gelijk,
en Geest, die heerst in ’t hemelrijk,
oneindig is uw heerschappij.

antifoon

Blijf dan niet ver van mij,
want de nood is nabij
en er is niemand die helpt.

eerste psalm: Psalm 22:2-12 — De nood van de rechtvaardige en zijn verhoring
Jezus riep luid: ‘Eli, Eli, lema sabachtani?’ (Mat. 27:46).

Mijn God, mijn God,
waarom hebt u mij verlaten?
U blijft ver weg en redt mij niet,
ook al schreeuw ik het uit.
‘Mijn God!’ roep ik
overdag, en u antwoordt niet,
’s nachts, en ik vind geen rust.

U bent de Heilige,
die op Israëls lofzangen troont.
Op u hebben onze voorouders vertrouwd;
zij hebben vertrouwd en u verloste hen,
tot u geroepen en zij ontkwamen,
op u vertrouwd en zij werden niet beschaamd.

Maar ik ben een worm en geen mens,
door iedereen versmaad, bij het volk veracht.
Allen die mij zien, bespotten mij,
ze schudden meewarig het hoofd:
‘Wend je tot de HEER! Laat hij je verlossen,
laat hij je bevrijden, hij houdt toch van je?’

U hebt mij uit de buik van mijn moeder gehaald,
mij aan haar borsten toevertrouwd,
bij mijn geboorte vingen uw handen mij op,
van de moederschoot af bent u mijn God.

Blijf dan niet ver van mij,
want de nood is nabij
en er is niemand die helpt.

Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
zoals het was in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

tweede psalm: Psalm 22:13-22 — De nood van de rechtvaardige en zijn verhoring
Jezus riep luid: ‘Eli, Eli, lema sabachtani?’ (Mat. 27:46).

Een troep stieren staat om mij heen,
buffels van Basan omsingelen mij,
roofzuchtige, brullende leeuwen
sperren hun muil naar mij open.

Als water ben ik uitgegoten,
mijn gebeente valt uiteen,
mijn hart is als was,
het smelt in mijn lijf.
Mijn kracht is droog als een potscherf,
mijn tong kleeft aan mijn gehemelte,
u legt mij neer in het stof van de dood.

Honden staan om mij heen,
een woeste bende sluit mij in,
zij hebben mijn handen en voeten doorboord.
Ik kan al mijn beenderen tellen.
Zij kijken vol leedvermaak toe,
verdelen mijn kleren onder elkaar
en werpen het lot om mijn mantel.

HEER, houd u niet ver van mij,
mijn sterkte, snel mij te hulp.
Bevrijd mijn ziel van het zwaard,
mijn leven uit de greep van die honden.
Red mij uit de muil van de leeuw,
bescherm mij tegen de horens van de wilde stier.
U geeft mij antwoord.

Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
zoals het was in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

derde psalm: Psalm 22:23-32 — De nood van de rechtvaardige en zijn verhoring
Jezus riep luid: ‘Eli, Eli, lema sabachtani?’ (Mat. 27:46).

Ik zal uw naam bekendmaken,
u loven in de kring van mijn volk.
Loof hem, allen die de HEER vrezen,
breng hem eer, kinderen van Jakob,
wees beducht voor hem, volk van Israël.

Hij veracht de zwakke niet,
verafschuwt niet wie wordt vernederd,
hij wendt zijn blik niet van hem af,
maar hoort zijn hulpgeroep.

Van u komt mijn lofzang in de kring van het volk,
mijn geloften los ik in bij wie u vrezen.
De vernederden zullen eten en worden verzadigd.
Zij die hem zoeken, brengen lof aan de HEER.
Voor altijd mogen jullie leven!

Overal, tot aan de einden der aarde,
zal men de HEER gedenken en zich tot hem wenden.
Voor u zullen zich buigen
alle stammen en volken.
Want het koningschap is aan de HEER,
hij heerst over de volken.

Wie op aarde in overvloed leven,
zullen aanzitten en zich voor hem buigen.
Ook zullen voor hem knielen
wie in het graf zijn neergedaald,
wie hun leven niet konden behouden.

Een nieuw geslacht zal hem dienen
en aan de kinderen vertellen van de Heer;
aan het volk dat nog geboren moet worden
zal het van zijn gerechtigheid verhalen:
hij is een God van daden.

Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
zoals het was in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

antifoon

Blijf dan niet ver van mij,
want de nood is nabij
en er is niemand die helpt.

kapittel: Zacharia 8:19

Dit zegt de HEER van de hemelse machten: houd de vrede en waarheid in ere!

vers

℣ Sta op, Christus, kom ons te hulp,
℟ verlos ons, omwille van uw trouw.

slotgebeden

℣ Heer, ontferm u over ons.
℟ Christus, ontferm u over ons.
℣ Heer, ontferm u over ons.

℣ HEER, hoor mijn gebed,
℟ laat mijn hulpkreet u bereiken.

korte stilte

Heer, almachtige God,
U liet ons het begin van deze dag bereiken.
Bescherm ons vandaag door uw kracht.
Help ons, ons af te keren van zonde en kwaad,
maar laat onze woorden, gedachten en daden
erop gericht zijn voor U het goede te doen.
Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon,
die met U leeft en heerst
in de eenheid van de heilige Geest,
God, door de eeuwen der eeuwen. Amen.