Ontdekken: creativiteit en wijsheid

Preek over Romeinen 12:1-2

orde morgendienst
welkom
zingen: Liedboek 479
zingen: Liedboek 95,1
stil gebed
votum en groet
zingen: Liedboek 434,1.2
luistermoment muziek
gebed
Schriftlezing Efeziërs 1:15-23
preek over Romeinen 12:1-2
luistermoment muziek
lezen Tien Geboden, Matteüs 22:37-40
zingen: Psalm 119,42
mededelingen
gebed
inzameling gaven
zingen: Liedboek 305
zegen

Vanmorgen en de komende tweede weken wil ik het ’s morgens even over creativiteit hebben. Ook zo’n waarde uit de reeks die we begin dit seizoen hebben gekozen voor onze gemeente. Het aparte met creativiteit is, vind ik tenminste, dat je zou verwachten dat christenen er flink veel aandacht voor zouden hebben. Als je gelooft in de levende God die de schepper van alles is lijkt me creativiteit toch een redelijke kanshebber voor een belangrijke karaktertrek van God. Het blijkt niet zo te zijn. Ook al heb ik een kamer vol boeken over wat we in de kerk elkaar zoal over God vertellen, creativiteit komt er niet of nauwelijks in voor. Het gaat almaar over redelijk saaie dingen als almacht en rechtvaardigheid, oneindigheid en onveranderlijkheid en zo.

Ongeveer hetzelfde vind je als je kijkt wat wij elkaar zoal vertellen over onszelf en over elkaar, mensen, christenen. We leven met de God die van zichzelf zegt dat hij nogal goed is in nieuwe dingen verzinnen, en die dat op allerlei manieren bewijst ook. Je zou verwachten dat dat toch ook wat effect zou hebben op ons. We zijn naar Gods beeld en gelijkenis gemaakt, zeggen we, dus in nieuwe dingen verzinnen konden wij ook wel eens goed zijn. Maar erg veel aandacht gaat daar meestal niet naar uit. Vanouds is in de kerk gehoorzaamheid een deugd en worden mensen die nieuwe dingen verzinnen argwanend bekeken. Stel je voor dat je zelf eens denkt en dat er iets anders uitkomt dan we gewend zijn. Dat moet wel zondig zijn. We hebben hier, denk ik, allemaal verschillende ervaringen mee. Maar het valt me op dat ik veel en veel vaker mensen spreek die hebben geleerd dat creativiteit eigenlijk een ondeugd is, dan mensen die gestimuleerd werden zelf te leven en hun weg te vinden.

Eigenlijk is dat allemaal best vreemd. Alleen daarom al is het de moeite vanmorgen eens stil te staan bij creativiteit. Ik ga dat doen aan de hand van de eerste twee verzen van Romeinen 12. Daar komt het woord creativiteit niet in voor, trouwens in de hele bijbel niet. Maar de zaak zindert overal doorheen. Eerst als het gaat om God, dan als het gaat om ons. Met een woord dat wel in de verzen valt zou je kunnen zeggen dat het eerst gaat om ontdekt worden, wij worden ontdekt door de levende God, dan gaat het om ontdekken, wij ontdekken wat God van ons wil. Dat is twee keer best een avontuur, maar het is een mooi avontuur, en helemaal niet saai.

Paulus begint zijn appèl op de christenen in Rome met een beroep op Gods barmhartigheid. Zoals wellicht nog bekend is uit de vertaling die we tot een tijdje terug gebruikten staat er een meervoud: Gods barmhartigheden. Dat meervoud heb ik nu echt even nodig, want het duidt op al die verschillende manieren waarop God zijn barmhartigheid, zijn medelijden met mensen vorm geeft. Hij ontfermt zich niet maar over Joden, over zijn volk vanouds, hij ontfermt zich ook over anderen. Hij geeft zijn goedheid niet maar eenvoudig in één vorm, nee, hij geeft haar in allerlei vormen en op allerlei manieren. Om niet teveel tijd te verliezen haal ik het even in één keer helemaal naar ons toe.

Dat God zich in Jezus Christus over ons, over mij ontfermt, dat is niet maar een statisch gegeven, en ook niet maar een massaal gebeuren, als een genezingsdienst in een groot stadion. Er zit een onwaarschijnlijke hoeveelheid creativiteit in verborgen. Ga maar na in je eigen leven, in je eigen herinnering, hoe God zijn goede boodschap dat hij van je houdt bij je binnen gebracht heeft. Hoe hij je ontdekt heeft op de plaats waar jij was. Weet je nog waar je mee rondliep aan vragen, en kijk eens, ze werden opeens minder belangrijk. Weet je nog hoe deze of gene ander je op een goed spoor zette? Weet je nog hoe merkwaardig het was, dat je op een gegeven moment getrokken werd, en dat er een overtuiging in je groeide? Dat Jezus aan zijn kruis jouw leven op zich nam en voor jou stierf, dat hij in zijn liefde echt voor jou opstond, dat is bij ons allemaal op een heel eigen manier binnen gebracht. Werk van Gods heilige Geest, inderdaad. Werk van God zelf dus, zijn barmhartigheden, zo divers als wat en zo creatief als wat.

De levende God is echt niet opgehouden met creatief zijn toen zijn schepping voltooid was. Hij heeft trouwens maar geen kosmos gemaakt. Hij heeft een geschiedenis geschapen, waarin alles leeft en in beweging is. Hij blijft altijd de God die er iets op vindt. Je kunt die barmhartigheden van God ook nog eens uitzetten in de tijd. Dan zie je hoe God opnieuw begint met Abraham, als zijn weg met de mensheid op een zondvloed en een toren van Babel is uitgelopen. En je ziet hoe hij, als ook de weg van Israël doodloopt in een ballingschap, nog eens helemaal opnieuw begint in Jezus Christus. Ook de kerkgeschiedenis heeft van die telkens nieuwe golven, waarin God weer mensen pakt en in beweging brengt en ervoor zorgt dat andere mensen gevonden worden. Zijn koninkrijk zal werkelijk komen. Ook als wij zouden zeggen dat het afgelopen is, dat alles eindigt in ellende of een wereldbrand, hij is de God die niet voor één gat gevangen zit en er wat op zal vinden. Uiteindelijk zet hij zijn hele schepping weer opnieuw, in liefde en rijkdom en uitbundigheid.

Die God dienen moet wel een avontuur zijn. Hij is degene die ons in ons eigen verstop plekje gevonden heeft en telkens weer vindt. Als je jezelf heel concreet, lichamelijk, als een levend offer aan hem wijdt, mag je mee op zijn heel eigen weg het leven door. Hij zal je thuis brengen bij hem en onderweg mag je al telkens weer merken dat hij ook uit de vragen en problemen waar jij in jouw leven op stuit een uitweg weet. Soms zou je haast denken dat het hopeloos was, dat alles kapot en verloren was, maar dan toch is er een andere kant, een uitweg, uitzicht, licht in het donker. Hij laat het je ontdekken. En telkens weer, waar je ook zit en hoe je er ook aan toe bent, weet hij je te vinden, is er die boodschap van hem, dat contact, soms na lange tijd, soms diep, diep weg, maar toch. Je wordt telkens weer ontdekt door een God die oneindig veel creatiever is dan je maar kan verzinnen.

Dat wil dan ook verder je leven kleuren. Je leven als mens en als christen wordt zelf ook weer een ontdekken. Paulus is er hier vrij direct over: wat God van ons wil, wat goed, volmaakt en hem welgevallig is, dat moet je ontdekken vanuit een nieuwe gezindheid. Als je je leven wijdt aan de God die jou ontdekt heeft, wordt je leven een leven van ontdekken. Het is niet bij voorbaat duidelijk wat God van ons wil, niet wat goed is, niet wat volmaakt is, niet wat God welgevallig is. Dat staat allemaal nog te bezien. Hoogstens volgen er nog wat grenzen en volgen er richting-wijzers, maar daarbinnen en in die richting moet je het zelf uitvinden. Het is dus best belangrijk dat we daarin creatief zijn en samen creativiteit stimuleren. Dat kleurt heel sterk ons christen-leven in.

Veel meer dan of je gehoorzaam bent aan geboden en regels bepaalt wat jij zelf, samen met de mensen direct om je heen, van je leven maakt, hoe het er echt uitziet. Let er zometeen maar eens op. We lezen ze vanmorgen speciaal weer: de Tien Geboden. Bekend, belangrijk, handig, vooral als index voor veel meer, maar ook: in feite tien ver-boden. Er staat in wat je niet mag doen, maar wat je wel moet doen staat er niet. Dat moet je zelf nog ontdekken. Niet iemand doodslaan, nee, maar hoe ga je nu wel met elkaar om, ook als verschillende en soms irritante mensen? Niet stelen, nee, maar hoe zorgen we dan voor elkaar? Als je bij de verboden blijft hangen krijgt je leven als christen geen kleur, geen werkelijke positieve vorm.

Misschien is het duidelijkste voorbeeld daarvan nog steeds wel het beruchte vierde gebod over de sabbat. We hebben in het verleden eerst van de zondag een sabbat gemaakt, een dag van ophouden en niets doen, behalve naar de kerk gaan en zo, en toen elkaar daar vooral aan proberen te houden. Maar wat is nu eigenlijk de bedoeling van de zondag als feestdag van de kerk? Hoe kunnen we de opstanding van Jezus echt vieren? Als we dan toch die dag vrij hebben, hoe gebruiken we haar echt voor iets positiefs, iets blijs? Daar komen de interessante vragen, de vragen die je uitdagen van je leven iets te maken. En het typische is steeds weer: daar heb je creativiteit voor nodig, dat is niet al voorgegeven, je moet het ontdekken, uitvinden, telkens weer opnieuw.

Daar willen al die verboden en richtingwijzers in de bijbel je bij helpen. Paulus gaat er na onze verzen meteen mee aan de gang. Hij werkt dingen uit over liefde, over het goede toegedaan zijn, over bescheidenheid en zachtmoedigheid. Hij is bezig voorbeelden te geven en richting te wijzen. En dat is nog een heel diepe richting ook. Hij wijst niet maar naar wat dingen om te doen, toevallig, nee, het gaat om dingen die passen bij een bepaald soort mensen, mensen met karaktertrekken die bij Jezus horen, mensen die omkleed zijn met de Heer Jezus Christus. Let er rustig op, zoals de Tien geboden verboden zijn en het aan jou overlaten om te ontdekken wat je dan wel te doen hebt, zo zijn verreweg de meeste geboden of raadgevingen in het nieuwe testament verbonden aan karaktertrekken: als je dan zo bent, zo aan het worden bent, leef dan ook zo, in liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, vertrouwen, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.

En weer geldt: wat dit soort dingen concreet betekenen dat mag je echt zelf uitvinden. Geduld met die collega is anders dan geduld met die vriend. Vrede bewaren in je gezin is anders dan vrede bewaren op straat. En vrede bewaren in deze situatie, met drie kinderen die ruzie maken, is weer anders dan vrede bewaren in de andere situatie dat je zelf chagrijnig bent. En vul nog maar wat anders in. Wat je telkens weer te zien krijgt is dat God je een kaart geeft en een kompas, zodat je zelf een weg kunt vinden. Welke weg precies, dat is aan jou, aan jullie, dat is aan ons, samen met de mensen die bij ons horen. Een kaart, dat is wel een aardige vergelijking voor wat God in zijn ge- en verboden doet: hij laat er in zien waar we niet kunnen gaan, waar moerassen en andere gevaarlijke plekken zijn. Daar niet heen, daar ga je dood. Maar daar tussendoor is een hele wereld aan ruimte om te gaan en te leven. Vind een weg, zegt hij. En een kompas, dat is wel een aardige vergelijking voor wat God in het nieuwe testament doet: hij laat ons zien waar de richting van het echt goede ligt, waar we zijn zoals hij ons bedoeld heeft: goede mensen. Daarmee kun je in de ruimte van Gods schepping, tussen de mensen om je heen, een goede richting kiezen, telkens weer opnieuw op een steeds nieuwe plek in de geschiedenis.

Je mag zelf ontdekken, de weg vinden, uitvinden, misschien wel een nieuwe weg ontdekken ook, waar je ouders niet gingen en je vrienden ook niet. Zo hoort het bij christenen die leven met de God die creatief is als niemand. Hij heeft ons gevonden, en nu mogen wij vinden, ontdekken. Hij helpt ons erbij ook, niet voor niets staat de bijbel vol met wijsheid: wijsheid is wat je nodig hebt om de weg in je leven te vinden. Maar het is geen blauwdruk, geen doe dit, laat dat, links, recht, onder, boven. God werkt niet met tom-tom achtige dingen. Dat is onder zijn niveau en onder ons niveau. Hij is de schepper die het ons toevertrouwt om zelf te gaan, te ontdekken en te vinden.

Een laatste beeld dan, waar alles in bij elkaar komt: muzikale improvisatie. Wat God van ons wil, waar hij ons toe uitdaagt heeft alle trekken van improvisatie van een groep musici, een jazz-groep bijvoorbeeld. Een toonsoort is gegeven, een ritme, een thema misschien, goede verhoudingen tussen instrumenten. Als je je daar niet aan houdt wordt het allemaal niets. Maar dan muziek maken doet een enorm appèl op je creativiteit, op je vakmanschap, je kunde. Het is veel eenvoudiger van blad te spelen dan te improviseren. God geeft ons de toonsoort van de liefde, de thema’s van goedheid, genade, geduld, vergeving, zelfbeheersing en nog zo wat, hij geeft ons het ritme van de hoop en de verhoudingen van de gemeenschap. Nu samen ontdekken wat hij van ons wil, wat hij goed vindt, wat zo volmaakt is, dat zal de kunst zijn. Daag elkaar uit, heb het er met elkaar over. Leef zelf met God en vind je weg. Heb lief en doe wat je wilt. Amen.

gehouden in: Amsterdam-ZW, 11 november 2007

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *