Jezus láát alleen nog van zich merken: Gods terughoudendheid

Preek over Johannes 14:22-29

orde morgendienst
welkom
zingen: Opwekking 464,1.2
zingen: Iona 7
stil gebed
votum en groet
zingen: Psalm 63,2.3
gebed
Schriftlezing Johannes 14:22-29
preek over Johannes 14:22-29
zingen: Liedboek 481
geloofsbelijdenis van Nicea
zingen: Liedboek 75,1-3
gebed
mededelingen
inzameling gaven
zingen: Opwekking 626 (Engels)
zegen

We staan na Pasen nog een paar zondagen langer stil bij Pasen, hier. Vorige week betekende dat in Jezus’ blijvende littekens, in zijn handen, voeten en zij, Gods diepe hartstocht zien. In Jesaja vertelt God dat hij de verwoeste stad Jeruzalem in zijn eigen hand gegrift heeft als een onuitwisbaar teken: ik vergeet jullie nooit, ik ben er volledig op gericht jullie te redden. Zo betekenen ook die blijvende littekens van Jezus meer dan: ik ben echt opgestaan. Ze betekenen ook: met huid en haar ben ik maar op één ding geconcentreerd: jullie redden, alles recht zetten en goed maken. Zolang er nog pijn en lijden in je leven is, ben ik nog niet klaar, blijf ik bezig. Misschien heb je er gisteravond nog aan gedacht, bij de beelden van dat treinongeluk bij het Westerpark. De pijn van die mensen is ook Gods, is ook Jezus’ pijn. Des te meer werkt hij door aan het brengen van zijn goede wereld. Gods hartstocht: echt helemaal redder zijn. Niet maar Jezus heten, redder, maar Jezus zijn.

Vanmorgen wil ik aandacht vragen voor iets anders, voor Gods terughoudendheid. Ook die komt na Pasen op een eigen manier naar voren. Er is immers een vraag die na Pasen altijd wat in de lucht hangt. We voelen hem meer dan dat we hem stellen. Een aantal jaren lang trekt Jezus publiek door het land. Hij was een publiek figuur, duidelijk een ‘bekende Jood’. In onze tijd was hij eindeloos op televisie geweest en had de complete pers over hem geschreven. Dan wordt hij gekruisigd en wordt het stil. Waarom eigenlijk? Waarom houdt heel Jezus’ publieke leven op met zijn kruisiging? Waarom verschijnt Jezus als de Opgestane niet net zo als hij zijn leven geleid heeft? Wat had er wel niet kunnen gebeuren als Jezus ná Pasen weer Jeruzalem was binnengetrokken met zijn leerlingen, naar de Joodse leiders, naar Pilatus en Herodes, naar zijn volksgenoten? Dan waren er vast veel meer dan die 3000 van Pinksteren tot geloof gekomen. Maar dat gebeurt niet. Na zijn opstanding verschijnt Jezus alleen in het privé-leven van zijn leerlingen. Ook als dat er tenslotte 501 zijn geweest blijft het weinig. Een publiek figuur is Jezus niet meer geworden. En zijn hemelvaart scherpt dat nog aan: zelfs die periode van privé-verschijningen is afgesloten.

Waarom niet publiek? Dat is een vraag die trouwens niet alleen over toen gaat, bijna 2000 jaar geleden. Nu zijn we voor het leren kennen van Jezus, van zijn dood en opstanding, helemaal aangewezen op wat zijn leerlingen over hem verteld hebben. We hebben de evangeliën, het Nieuwe Testament. Wat er verder aan getuigenissen is mag geen naam hebben. Als Jezus als levende Heer zijn leerlingen eens niet naar Galilea was voorgegaan, maar naar Jeruzalem en naar Rome, dan hadden we zelfs als hij daarna toch naar de hemel gegaan was in ieder geval veel meer getuigenis. En als hij helemaal niet weggegaan was, dan hadden we hem nog kunnen ontmoeten. Hoe zouden we hier zitten, en met hoeveel, als er gisteravond een uitgebreid interview met Jezus op televisie was geweest? Waarom heeft Jezus zich niet gewoon aan de wereld bekend gemaakt als de Levende, als wie hij werkelijk is?

 

Ik ben eens op zoek gegaan naar wat Jezus zelf op deze vraag gezegd zou hebben. Het enige wat ik kon vinden was de passage uit Johannes’ evangelie die we gelezen hebben. Kennelijk was het niet zo’n vraag voor de eerste christenen. Maar de vraag van die andere Judas, niet Iskariot, komt er wel dicht bij: ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekend maken, Heer?’ Het is bij Judas een vraag die ontstaat uit het geheel van het Oude Testament. Als de beloofde Messias zich openbaart, dan doet hij dat toch zeker publiek en voor iedereen? Dan gaat het toch om het moment dat iedereen zal zien dat God in Israëls midden is? Dan wordt alles toch recht gezet, de hele wereld, niets uitgezonderd? Heer, hoe zit dat? Waarom aan ons en niet aan iedereen?

Jezus’ antwoord is een echt Jezus-antwoord. Hij geeft antwoord op Judas’ vraag, maar tegelijk zo’n antwoord dat je gelijk nog weer eens moet nadenken over jezelf en over je vraag. ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekend maken, Heer?’ Jezus’ antwoord begint met: ‘Wanneer iemand mij liefheeft’. Dat is opvallend. De vraag is ‘waarom?’, maar Jezus antwoordt niet zoals wij zouden doen: ‘nou, omdat…’. Hij gaat niet zomaar mee met de vraag van Judas, maar laat gelijk vragen opkomen bij de vraag. ‘Wanneer iemand mij liefheeft’. Dat is heel open. Iemand, wie dan ook. De hele wereld past er in. ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekend maken?’ Jezus’ antwoord vraagt: hoe bedoel je, Judas? Het gaat bij mij niet om een wel aan ons en niet aan anderen. Het is geen kwestie van een groep ‘wij’ tegenover een groep ‘zij’. Het gaat om wie dan ook, ‘iemand’, ten opzichte van Jezus. Ook als ik me alleen aan jou, Judas, zou openbaren, laten zien, dan nog gaat het om wie dan ook, al was het de hele wereld. — Bedenk het meteen maar: dan gaat het ook om mij, om jou. Het is geen kwestie van: Jezus toont zich wel aan zijn leerlingen, maar niet aan jou, aan mij. In zijn verschijningen aan zijn leerlingen verschijnt hij ook aan mij, aan jou.

En daarmee zijn we eigenlijk meteen al bij het andere, hier. Jezus’ verschijnen is een kwestie van liefde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft’. En daartegenover staat: ‘wie mij niet liefheeft’. En dat is het eigenlijke, het beslissende punt. ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekend maken, Heer?’ Jezus’ antwoord is: het gaat niet om ons of anderen: ik maak mij bekend aan wie mij liefheeft en ik maak mij niet bekend aan wie mij niet liefheeft. Zo zal dat gaan. Er lijkt iets van een inhoudelijk verband te liggen: echte liefde laat zich alleen door andere liefde echt kennen, echt ontdekken. Jezus echt leren kennen, wie Jezus werkelijk is, dat hij leeft, en dat wil zeggen hoe diep Jezus’ liefde voor ons is en hoe ver die reikt kan alleen bekend gemaakt worden, geopenbaard worden aan, ontdekt worden door wie van Jezus is gaan houden. Dan blijkt het nog om meer te gaan ook: ook om de liefde van de Vader. Mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen, eerst in Woord en Geest en later in het nieuwe Jeruzalem direct.

Zie je wat Jezus hier doet met die vraag van Judas? Waarom wel aan ons en niet aan de wereld? Antwoord en vraag lopen in elkaar over: nee, Judas, het gaat niet om of aan jullie of aan de wereld, het gaat in jullie altijd om de wereld, om ‘wie dan ook’. Maar ik maak mij bekend aan wie mij liefheeft, en dus, Judas: heb jij mij waarlijk lief? Ben jij zo iemand die van mij houdt? Wij of zij is niet belangrijk. Wel of jij van mij houdt. Als jij van mij houdt zul je ontdekken wie ik wel niet ben. En die andere mensen, iemand, die ‘wie dan ook’, zou die van mij kunnen gaan houden? Dan zullen ook zij ontdekken wie ik wel niet ben. — Het is echt typisch Jezus hier. Zelfs voor ons hier geldt het nog. En jij, en ik, zijn wij zo iemand die van Jezus houdt? Wij of zij is niet belangrijk: iemand. Kijk hier gerust de hele stad rond: waarom zij eigenlijk niet? Zouden zij niet van Jezus kunnen gaan houden, die iemand kunnen zijn?

Tegelijk is het ook echt Jezus’ antwoord op de vraag die ik eerst stelde: waarom is Jezus na Pasen niet weer publiek gegaan? Waarom die terughoudendheid? Waarom jezelf als de Opgestane Heer niet aan iedereen vertoond? ‘Wanneer iemand mij liefheeft’. Iemand. In de discipelen verschijnt Jezus aan ons allemaal. Maar hij doet het indirect. Na Pasen láát Jezus alleen nog van zich merken. Hij laat over zich vertellen, door mensen, andere mensen. Hij laat ons leven bij ons bezorgen, in de gewone gang van zaken, volgens de orde van de dag. Want het moet echt om liefde blijven gaan, en niet om toch nog wat anders.

Waarom ging Jezus na zijn opstanding niet terug, Jeruzalem in? Stel het je voor en je merkt het: dan zou het niet meer om dezelfde Jezus en dezelfde boodschap gaan. Dan zou de Messias van de liefde toch de Messias van de macht, van de overmacht geworden zijn. Het wonder van Pasen, het mysterie van Jezus’ nieuwe aanwezigheid en het gezag van zijn goddelijkheid hadden zich dan naar voren gedrongen, vóór zijn liefde. We zouden helemaal niet ontdekt hebben wie Jezus werkelijk is, maar vooral zijn macht gevoeld hebben. Hij zou ons niet meer aanspreken, maar hij zou ons fascineren. Hij zou ons hart niet meer veroveren, maar ons verstand en onze weerstand breken. Maar het wezenlijke van de liefde is dat God ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden. Het gaat hem er niet om dat mensen daarvoor verbluft buigen, dat mensen dat toegeven. Het gaat God er om dat mensen nu ook gaan liefhebben, hem en elkaar. En liefde kan alleen vrijwillig gegeven worden. Wie liefde wil oproepen moet terughoudend zijn als God, als Jezus.

Dat was de lijn van heel Jezus’ publieke leven geweest: ik ben de Zoon die door de Vader in de wereld gezonden is om echt leven te geven ik houd van jou. Jezus leven is de goede boodschap van een God die wil samenleven met mensen die niet maar voor hem buigen, maar die van hem houden. Daar blijft het dan ook bij. Na Pasen voegt Jezus er niets meer aan toe. Meer heeft Jezus niet te zeggen en te leren. Meer heeft God zelf niet te zeggen, want deze liefde van Jezus’ leven voor ons leven zegt alles. Als Jezus weg is gaat de heilige Geest ook niets anders zeggen. Hij zal alles duidelijk maken, het laten doordringen, en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb. Aan dat werk van de Geest in die leerlingen hebben we het Nieuwe Testament te danken. En daaraan danken wij net zo goed alle tot ons doordringen van het evangelie en al die keren dat we geraakt worden door Jezus’ woorden en daden. Zijn liefde bereikt ons hart en leeft daar door de heilige Geest.

Maar het is en blijft in alles indirect, en dus ook kwetsbaar. Publiek figuur is Jezus nooit meer geworden. Hij laat een slordige vijfhonderd-zoveel mensen vertellen dat hij is opgestaan, verschijnt tenslotte nog aan Paulus, maar dan aan niemand meer zo direct. Hij dringt zich niet op. Hij manipuleert niet. Hij houdt zich terug en laat ruimte. De heilige Geest kun je ook bedroeven, weerstaan. Bij alles wat Jezus nog doet, ook bij alles wat hij nog doet door zijn Geest is er altijd ook een andere mogelijkheid om dat uit te leggen en te ervaren. Een droom is een droom. Genezingen op gebed doorbreken nooit de wetten van de schepping. Het gaat over psychosomatische zaken of over zaken waar we sowieso nog weinig van weten. Tongentaal of klanktaal is aangeleerd gedrag en iets wat in alle godsdiensten voorkomt. Je kunt het ook bereiken met een trommel of desnoods het steeds sneller voorlezen van het telefoonboek. En zo geldt het van alles waarvan iemand zegt: dat doet God, dat geeft Jezus. Het is indirect, kwetsbaar, makkelijk te ontkennen, makkelijk te vervalsen ook (er wordt eindeloos veel rommel verkocht onder Jezus’ naam), het geeft zich open. Je kunt van je laten houden, maar ook Jezus’ leven, zijn opstanding, zijn liefde op afstand houden. Na Pasen láát Jezus alleen nog van zich merken, terughoudend. — Wanneer iemand mij liefheeft…

Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Het blijft Jezus. Diep. Het gaat over liefde en haat. In de wereld van de haat is vrede altijd gewapende vrede. Je hebt vrede als je sterk bent, als het je goed gaat, als je tegen het leven opgewassen bent. De vrede van de wereld is balans-vrede, en die duurt net zo lang tot ze verstoord wordt. Maar als Jezus het over vrede heeft stappen we binnen in de wereld van de liefde, van de overgave. Echte vrede is overgave. Jezus laat ons zijn overgave na, zijn leven van liefde voor ons. Dat is het. Meer heeft Jezus ons niet te geven, niet te zeggen. Maar als je je er zelf aan overgeeft ontdek je echte vrede: iemand houdt echt van je, ook als jij uit balans bent, als jij niet sterk bent, als het jou niet goed gaat. Vrede als rustpunt in je leven omdat daar iemand is die echt van je houdt. Kijk maar, hij houdt echt van je: zijn leven heeft hij voor je gegeven aan het kruis. En kijk maar, hij is er echt: hij leeft vandaag en morgen en altijd. Hij laat ook vanmorgen weer van zich merken.

Nee, Jezus staat hier niet zelf op dit podium. Hij bewijst ons niet dat hij leeft. Hij dwingt ons ons vertrouwen niet af. Voor Jezus is het geen probleem dat geloven een optie is voor mensen in de Westerse wereld. Hij heeft nooit meer willen zijn dan een optie. Echte liefde wil gekozen worden. Alleen de echte God kan werkelijke terughoudend zijn, en de bal bij ons leggen. Alleen zijn echte Zoon stapt terug na zijn dood en houdt zich terug, al die eeuwen door tot eens de laatste dag er is. Want al die eeuwen zijn de tijd van zijn liefde, en liefde laat zich alleen door liefde echt ontdekken. Hij laat over zich vertellen en kleedt zich in de dubbelzinnigheid van wat er in onze werkelijkheid gebeurt. Hij láát van zich merken, nooit meer publiek persoon. En juist zo: wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen. Iemand. En als we dan stil worden, wordt het langzaam maar zeker Jezus’ vraag aan onze vraag: waarom niet meer publiek opgetreden, maar wel aan ons en niet aan iedereen? Joh, jij, heb jij mij waarlijk lief? Echt, vrijwillig, door niets en niemand, zelfs niet door mij gedwongen? Leef die liefde, vertel haar door en kijk wie nog meer ‘iemand’ wordt. Want ik maak mij bekend aan wie mij liefheeft. Laten we zingen.

gehouden in: Amsterdam-ZW, 22 april 2012

eerdere versie gehouden in: Loenen-Abcoude, 21 mei 2006
Rotterdam-Delfshaven, 21 mei 2006

Een gedachte over “Jezus láát alleen nog van zich merken: Gods terughoudendheid

  1. Weer de kern van het evangelie!

    In zijn afwezigheid ná z’n dood & opstanding raakt Jezus de kern van zijn boodschap van tijdens zijn aanwezigheid op aarde.
    Daarnaast is het evangelie niet exclusief, maar royaal en gratis beschikbaar (maar wel weer kostbaar…)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *