Barst…, bij Jezus wordt alles wat verborgen is openbaar, wat geheim is onthuld

Preek over Marcus 4:11-12

orde morgendienst
welkom + mededeling overlijden
zingen: PvN 23
stilte
zingen: Psalm 84,1.2
zingen: Psalm 93
stil gebed
votum en groet
zingen: Opwekking 126
gebed
Schriftlezing Marcus 4:1-34
preek over Marcus 4:11-12
zingen: Liedboek 150
Schriftlezing Hebreeën 4:1-13
zingen: Opwekking 389
gebed
mededelingen
inzameling gaven
zingen: Opwekking 518
zegen

Ja, het staat er echt. Het is de bedoeling van Jezus’ gelijkenissen dat mensen scherp zien, maar geen inzicht krijgen, goed horen, maar niets begrijpen. Het is de bedoeling dat mensen zich niet bekeren en vergeving krijgen. Gelijkenissen, verhalen zoals dat van die zaaier, dat zaad en de bodem, openen niet alleen, ze sluiten ook af, ze maken het geheim van het koninkrijk van God ook ontoegankelijk. En dat is maar geen betreurenswaardig bij-effect, het is echt de bedoeling: opdat — net als het de bedoeling is (anders) dat bepaalde mensen zich niet bekeren en vergeving krijgen.

Het zijn vreemde woorden. Gewoon al vreemd binnen het verhaal dat we lezen in Marcus. Wie gaat er nu het land rond om aan iedereen te verkondigen dat het nu gaat gebeuren: God gaat als koning optreden, kom in beweging en vertrouw op dit goede nieuws — en doet dat vervolgens expres op zo’n manier dat de meeste mensen niet in beweging komen? Ja, ik vertel wel overal: bekeer je en krijg vergeving, maar dat is eigenlijk helemaal de bedoeling niet…

Het zijn voor veel mensen ook echt irritante woorden. Alsof Jezus met de ene hand neemt wat hij met de andere geeft, alsof hij een dubbele agenda heeft (en dus God zelf een dubbele agenda heeft). Wat is dat voor liefde die alleen voor uitverkorenen is? Gaat het Jezus (en gaat het God) dan tenslotte toch alleen om een elite, een ‘inner circle’? Is er dan toch niet alleen verkiezing (aan jullie is het geheim van het koninkrijk van God onthuld), maar ook verwerping (hun vertel ik er zo over dat ze het nooit zullen kunnen begrijpen)?

Toch staan deze uitspraken van Jezus hier echt in Marcus (en ook in Matteüs en Lucas). En of we het nu leuk vinden of niet, ze staan er echt zo ruig als onze bijbelvertaling ze geeft. Dus iedereen die denkt dat Jezus gelijkenissen vertelde omdat die prachtige verhalen zijn boodschap helder, eenvoudig en aantrekkelijk weergaven (eindelijk concrete verhalen die iedereen kan begrijpen) — kan geen gelijk hebben. Gelijkenissen zijn niet maar bedoeld om aan te trekken, ze zijn ook bedoeld om af te stoten. Gelijkenissen zijn niet bedoeld om uit te leggen en begrijpelijk te maken, ze moeten juist zelf uitgelegd worden, ook aan de leerlingen. Gelijkenissen doen iets anders, kennelijk iets anders: ze zijn bedoeld om wat verborgen is openbaar te maken en wat geheim is aan het licht te brengen — of we dat nu begrijpen of niet, daar gaat het niet om. Het is bij de gelijkenissen ergens net als bij die genezingen. Je mag denken aan een koning, hier. De handen van de koning zijn genezende handen. Spreuken 25: het is de eer van God om een zaak te verbergen, het is de eer van de koning om een zaak te doorgronden, aan het licht te brengen.

Maar laten we gewoon kijken wat je kunt zien gebeuren in het stuk Marcus dat we net lazen. Uiteindelijk gaan deze woorden daar ook over. Wat deze woorden betekenen blijkt in wat er gebeurt in die gelijkenis van een zaaier. Jezus vertelt een gelijkenis: ‘Luister. Iemand ging eens naar zijn land om te zaaien.’ Herkenbaar, zeker in die tijd. Misschien stonden er wel mensen tussen Jezus’ toehoorders die net terug waren van het zaaien op hun land. Maar nog, ook in onze betonnen werkelijkheid. Je kunt je er wat bij voorstellen en vanzelf identificeer je je bij het luisteren met die iemand die ging zaaien. Hoe gaat het verder? Hoe loopt het af?

Nou, vreemd en daardoor op een bepaalde manier ook spannend. Een deel van het zaad valt langs de weg. Dat is vreemd. Een beetje een kluns die zaaier. Die oude boeren, die uit de hand zaaiden, konden best mikken. Er kon eens een korreltje koren of wat op de weg terecht komen, als het echt een deel wordt moet er iets aan de hand zijn. Op zijn minst een boer die met koren smijt. Een ander deel valt op rotsachtige grond. Ook dat is vreemd. Die oude boeren waren een groot deel van de tijd bezig met hun akkers ont-stenen en wisten doorgaans prima waar nog rotsige plekken zaten. Daar ging je niet zaaien. En het wordt nog vreemder: als nog een deel tussen de distels kan vallen, wat heeft die zaaier dan eigenlijk aan serieus voor-werk gedaan? Vreemde man, maakt kennelijk niet uit, vrij gevig… En als hij dat wel gedaan heeft: wat is dat dan voor rot-grond, dat land van hem? Drie kwart van je zaaigoed gewoon vergooien. Zonde. Vreemd, en dus ook best wel spannend: gelukkig is er nog een laatste kwart. En dat levert echt iets op ook: dertig, zestig of zelfs honderd korrels per aar. Dat is dan weer vreemd veel. Het is spannend geweest van vreemdheid, maar het verhaal loopt toch nog goed af.

En dan blijkt het niet zomaar een verhaal: ‘Wie oren aan zijn hoofd heeft moet goed luisteren!’. Het verhaal blijkt een gelijkenis. Wat lijkt er? Dat is niet zo moeilijk. Het was toen ook al een gemeenplaats dat je als spreker woorden kunt zaaien bij luisteraars. Dus het blijkt dat die gelijkenis gaat over al die mensen die daar stonden te luisteren naar Jeuzs. Sterker nog: de gelijkenis gaat zelfs over al die mensen die het nu nog via de bijbel horen, over ons dus ook. Hoe luister ik, hoe luister jij naar Jezus? Je hebt vier opties: je speelt de rol van wegkant, van rotsachtige grond, van onkruid-terrein of je speelt tenslotte de rol van goede grond, die Jezus’ woorden opneemt en vrucht laat dragen: veel, nog meer, en extreem veel.

Dus Jezus zegt iets over mij en over hoe ik luister. En dan kun je je herinneren hoe je net dacht: wat een rot-grond dat land van die zaaier — en denken: dus Jezus vindt me een slechte luisteraar, beledigd zijn, of je schouders ophalen, en je er niets van aantrekken. Of je kunt je herinneren hoe je net dacht: had die boer niet wat aan zijn land moeten doen? wat is dat voor malloot? zo werkt het in het leven niet — en denken: voor ik echt naar die figuur luister, mag hij eerst wel met een beter verhaal komen. In beide gevallen luister je verder niet, neem je het zaad niet in je op: het blijft liggen langs de weg, tot de vogels (of in Jezus’ uitleg Satan) het wegpikken. Luister hier trouwens vooral open en creatief. Hoeveel mensen haken niet al bijvoorbaat af bij Jezus omdat ze er zonder meer van uitgaan dat hij hen toch wel niet goed zal vinden, maar zondig, slecht, eigenwijs, bekrompen, geneigd tot alle kwaad, en zo. Elk klein signaal dat zo’n vooroordeel oproept zorgt voor afstand. En hoeveel mensen haken niet al bijvoorbaat af bij Jezus omdat ze vinden dat God, als hij al bestaat, wel wat meer aandacht aan hen had mogen besteden, of aan anderen. Moet je kijken wat een bende en een lijden hier en dan ook nog een grote mond hebben over hoe ik luister? Schiet toch op. Dat kan. En niets zal je in beweging brengen om nog eens naar Jezus toe te gaan en te vragen: hoe zit dat dan? Nee, je blijft buiten staan.

Of je kunt je herinneren hoe je toch wel gefascineerd was door dat vreemde verhaal, of je kunt je herinneren hoe opgelucht je was over hoe het toch nog goed afliep, of nog wat, en in ieder geval reden genoeg hebben om wat Jezus zegt echt in je op te nemen. In dat geval neem je dus ook die stap van: wat betekent dat, word je dus een volgeling van Jezus, misschien maar voor even, zonder wortel of verstikt door rijkdom en allerlei andere verlangens, maar toch. Je valt niet meer onder hen die buiten blijven staan. Aan jou wordt onthuld dat Jezus zelf het geheim is van het koninkrijk van God. Je krijgt ook Jezus’ uitleg en toepassing te horen. En wat uiteindelijk jouw plaats, jouw rol in de gelijkenis is, blijkt dan in het vervolg pas, in het vervolg van jouw leven. Je hebt er nog een extra uitleg bij gehad. Het gebeurt dat mensen Jezus’ goede nieuws horen en er enorm blij mee zijn: nu gaat God ons redden. Maar als ze beproefd of vervolgd worden haken ze af. Of als de dagelijkse zorgen, de verleiding van de rijkdom of al die verlangens naar andere dingen ertussen komen, haken ze af. Je hebt nog eens extra gehoord dat het de bedoeling is dat je Jezus’ woord hoort en in je opneemt en het vrucht laat dragen, het laat uitkomen in je leven. Alleen zo loopt het verhaal goed af. En dan is het ‘up to you’. Wat nu nog verborgen is, gaat openbaar worden, wat in het geheim van jouw hart is ontstaan, moet aan het licht komen. Er komt tijd in, de tijd van je leven komt er in. En aan de hand van de gelijkenis gaat blijken wat voor rol jij speelt. Wat verborgen is komt aan het licht. Up to you.

Misschien zeg ik het nog net niet goed zo, trouwens. Het is niet helemaal ‘up to you’. Want je hebt Jezus’ verhaal gehoord. Heb je dat eenmaal gehoord kom je er nooit meer los van. Hoe vreemd je het verhaal van die zaaier ook vond, je weet nu voor altijd hoe het goed afloopt. Naar Jezus luisteren betekent onontkoombaar ook dat hij je onder de huid kruipt in zo’n verhaal. Wat je er ook mee doet (niets, iets voor even, alles) het zit in het verhaal, je komt er niet meer van af. Trek je er niets van aan en je weet hoe de uitspraak bij het laatste oordeel gaat luiden: zaad langs de weg. Je wist dat dit niet de bedoeling was: alleen op de manier van goede grond loopt het verhaal goed af, maar je hebt het toch gekozen: zaad langs de weg. Je wist wat ik wilde: dat je echt naar me zou luisteren en vrucht dragen, maar je hebt het zelf niet gewild. Wat er in zat is er uit gekomen. Wat nu nog verborgen is, is dan openbaar geworden, wat in het geheim van jouw hart is ontstaan, gaat dan blijken.

Zie je wat er gebeurt in zo’n gelijkenis? Er is een koning bezig wat verborgen is te doorgronden. Er wordt geen boodschap verklaard en verhelderd, geïllustreerd of begrijpelijk gemaakt. Eerder omgekeerd: het verhaal is vreemd, abnormaal, roept meer vragen op dan het antwoorden geeft, vraagt juist om uitleg. Maar juist in die vreemdheid haalt het in mij, in jou, in wie dan ook als luisteraar naar boven wat er in zit, brengt het verborgen dingen aan de oppervlakte, dwingt het een dynamiek af die in jouw en mijn leven met ons aan de haal gaat. Wat in mij zit moet er uit. Je leven lang de tijd komt er in. Maar het moet er uit. De gelijkenis dwingt het af. Wil ik niets, of wil ik uiteindelijk niets met de verteller van dit verhaal, of wil ik tenslotte alles met Jezus, het gaat blijken in mijn leven. Uit dit verhaal stappen kan nooit meer. Je hebt echt alleen de opties van het verhaal zelf, en je weet welke de goede is.

Wil je dan buiten blijven staan, dan moet je ook buiten blijven staan. Die buiten zijn vertel ik alles in gelijkenissen — die willen buiten blijven staan. Haak je al bijvoorbaat af, om wat voor reden dan ook, dan stimuleert de vorm van Jezus’ onderwijs je nog eens extra om ook echt af te haken. De buitenkant ervan bestaat uit vreemde verhalen zoals die van die gekke zaaier die maar overal en nergens koren neergooide. Je krijgt van Jezus alle kans om in te stappen, door te vragen, zijn volgeling te worden, ook zijn uitleg nog in je op te nemen. Hij stimuleert je om de rol van goede grond te gaan spelen en mirakels veel vrucht te dragen. Maar je krijgt van Jezus ook alle kans om uit te stappen, überhaupt niet meer te luisteren, of maar even, zolang als er niets anders is. Wil je niet, dan wil je niet. Blijf je buiten staan, dan krijg je alles te horen in gelijkenissen, opdat je scherp ziet, maar geen inzicht hebt, opdat je goed hoort, maar niets begrijpt, anders zou je je nog bekeren en vergeving krijgen. Het is hier net ook hoe je de accenten legt. Het wordt zo maar een ironie, of dat je tegen iemand die niet wilt zegt: jij mag niet meer, en dan wil-ie plotseling weer wel. Stel je voor: je zou je bekeren en vergeving krijgen… En toch: als je niet wilt, als je buiten blijft staan, terwijl je alle kans hebt om naar binnen te gaan, volgeling van Jezus te worden, etc. — dan wordt je niets opgedrongen, of zo. Dan is het helemaal niet de bedoeling dat je je bekeert en vergeving krijgt. Die openheid, die blijft ook als je binnen bent: rotsgrond, tussen de dorens. Jezus dwingt je niet, manipuleert je niet. It’s up to you.

Er leeft hier op de achtergrond een weergaloze logica. Tegen de menigte zei Jezus: ‘Je steekt toch geen lamp aan om hem onder een korenmaat te zetten of onder een bed weg te bergen? Nee, je zet hem op een standaard.’ Of je vindt Jezus een lamp, een licht ten leven, dan zet je hem ook te schijnen in je leven. Of je vindt Jezus geen lamp, maar een dwaas of een dwaallicht. Dan laat je hem verdwijnen uit je leven. Met de maat waarmee jij meet wat je hoort van Jezus zal jou de maat genomen worden. Sterker nog, neem je zijn woorden in je leven op dan zul je er nog meer van krijgen ook. Of Jezus is de moeite waard om helemaal serieus te nemen. Dan blijkt hij ook nog eens dertig-, zestig- of honderdmaal vrucht op te leveren. Of Jezus is dat niet, en dan blijkt zelfs dat wat je toch nog dacht te hebben (profeet, wijze man en zo) niets waard en verdwijnt. Wat er in zit komt er uit. Alles wat verborgen is, moet openbaar worden gemaakt, en alles wat in het geheim is ontstaan, moet aan het licht komen. Wie oren heeft om te horen, moet goed luisteren!

En weet je, als ik daar dan nog eens over na denk, dan komt des te meer bij me boven hoe vreemd dit eigenlijk is. Iemand in Israël vertelt een verhaal. En het jeukt weer, dat begin van Marcus: het goede nieuws over Jezus Christus, de Zoon van God. Als God zelf als koning gaat optreden, dan verschijnt hij niet als God in macht en majesteit. Hij verschijnt als mens onder de mensen. Kennelijk wil hij ons de keus laten: wil je erop vertrouwen dat deze gekruisigde verliezer toch mijn Zoon zelf is? Meer nog, kennelijk wil hij ons zo zeer de keus laten dat hij ook geen al te aannemelijke verhalen vertelt en mensen ook niet met gladde praatjes en sluitende betogen wil verleiden iets te vinden wat we eigenlijk niet vinden. Kennelijk is hier iemand die op zo’n manier van ons houdt dat hij niet smeekt om onze liefde, dat hij niet soebat. Kennelijk is hier iemand die niet om ons draait, maar zelf iemand is en zijn eigen gang gaat. Hij is God. Hij is degene om wie alles draait. Hij is de koning wiens eer het is een zaak te doorgronden. En hij zegt het zo dat er bij ons uit komt wat er in zit. Hij wil zien wat uit ons komt. En dus vertelt hij zo’n gelijkenis als deze over die iemand die naar zijn land ging om te zaaien. En zelfs tweeduizend jaar later kruipt het verhaal me nog onder de huid. Straks gaat het verder, in mijn eigen leven. Nergens anders, niet in theorie, niet in woorden. Wat zal mijn rol zijn? Blijken te zijn? Vandaag en morgen en overmorgen en weet ik hoe lang ik nog krijg. Ik weet het niet. Wat ik wel weet is wat Jezus wil dat mijn rol zal zijn: die goede grond, en zo. Het is niet neutraal. Goede grond. En hoe meer ik denk dat dit leven is wat het is, hoe meer ik het gevoel heb dat alles een gesloten systeem is van oorzaken en gevolgen, hoe meer ik in een gesloten wereld leef, zonder God en zonder zijn Zoon, des te meer wordt zo’n stukje Marcus explosief: kun je wel denken, maar barst, bij Jezus wordt alles wat verborgen is openbaar, wat geheim is onthuld. En dat begint nu, vanaf nu.

Wat was de beslissende stap? Waar zit je eigenlijk? Ben je buiten of ben je binnen: heb je de stap genomen om naar Jezus toe te gaan, volgeling te worden en te luisteren, te leren, te blijven leren. Bij hem komt die andere dynamiek extra erin: je weet wat de goede afloop, wat de goede grond is. Let daarop. Je zit nu in de gelijkenis. Waar? Dat is up to you. Het Woord van God is in ons leven gekomen en het plaatst ons waar we echt horen. Zo gaat het, in Jezus’ naam.

gehouden in: Amsterdam-ZW, 19 februari 2012

Een gedachte over “Barst…, bij Jezus wordt alles wat verborgen is openbaar, wat geheim is onthuld

  1. Ik was op zoek naar iets over de werkorde nav art in de reformatie. Toch ook maar even preek op de koop toe genomen.
    Ik vind de uitleg mooi, maar ook confronterend. Met name de jeugd
    wil graag duidelijkheid en is zo slecht nog niet. Deze preek dwingt tot een keuze. Heerlijk concreet, duidelijk en op de man of vrouw af. Korte zinnen en ik overweeg hem eens te lezen in Zuidlaren. Hartelijke groet, ook aan Dineke, van Harry de Groot.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *