Meer mogelijk maken

Preek over Handelingen 2:33

orde morgendienst
zingen: NGK 81
zingen: Opwekking 598
stil gebed
votum en groet
zingen: NGK 103,1.2.5.6.9
gebed
Schriftlezing Handelingen 2:1-13.32-42
preek over Handelingen 2:33
zingen: Opwekking 501
dopen Tijmen van Aalderen
zingen: Opwekking 599
zingen: Opwekking 347
gebed
mededelingen
inzameling gaven
zingen: NGK 141
zegen

Meer mogelijk maken. Dat is een mooie slogan in de Nederlandse reclame. Al weer een paar jaar sluiten ze er de reclames mee af van die ene bank, die eerst ‘de’ bank was en vervolgens de prooi van de Belgen, van Bos en van Zalm werd. Daar is het inmiddels dus een behoorlijk dubbelzinnige uitspraak mee geworden ook. Meer mogelijk maken. Ja dat zal best. Bij banken betekent het iets als: eerst van alles meer mogelijk maken voor de directie en voor wat aandeelhouders en dan zorgen dat er van alles meer mogelijk blijkt aan staatssteun en kosten voor ons allemaal dan je ooit voor mogelijk had gehouden. Toch blijft er ook nog iets van de oude betovering over. Meer mogelijk maken. Ja, wat wilde je ook al weer zo graag dat je kon? Als iemand dat nu eens mogelijk maakte voor je? Cynisme en verlangens, de harde werkelijkheid en mogelijkheden, ze liggen zomaar vlakbij elkaar in zo’n oude reclameslogan van vóór de kredietcrisis.

Dokus en Pinksteren

Laten we ze vanmorgen ook maar even tegen elkaar aanzetten. Cynisme en Pinksteren combineert ook best, toch? Laten we even de eerste gave van de Geest gebruiken, die van de humor: een cartoon van de onvolprezen Dokus. Tja. En toch is er iets gebeurd en gebeurt er iets, niet waar? Neem nu zo’n plaatje van gisteren. Ook dit is de kerkenraad van de Tituskapel….

Ook dit is de kerkenraad van de Tituskapel

Misschien niet het allersterkste voorbeeld, maar er lijkt me toch meer mogelijk dan je van tevoren denkt…

En daarom moeten we het er toch maar even over hebben vanmorgen: meer mogelijk maken. Het hoort tenslotte gewoon bij Pinksteren, lang voordat een snelle reclame-jongen de slogan verzon, gebeurde er iets in Jeruzalem dat echt wel neerkomt op meer mogelijk maken. We hebben gelezen van die apostelen en leerlingen van Jezus, die daar luidop in vreemde talen beginnen te spreken. Dat was erg vreemd. De omstanders zijn buiten zichzelf van verbazing: hoe kan dat? vragen ze, dat we hen allemaal in onze eigen moedertaal horen? En Petrus geeft uiteindelijk het antwoord: hoe kan dat? nou, wat jullie zien en horen dat is mogelijk gemaakt door de Heilige Geest. Wat normaal niet kan, dat mensen die nooit hun land uit geweest zijn en van niemand een vreemde taal geleerd hebben, toch in allerlei vreemde talen spreken, dat is mogelijk geworden door de Geest die Jezus op hen heeft doen neerdalen. Meer mogelijk maken dus.

En dat is dan geen toverwoord, geen reclamefilmpje, geen lokkertje. Het was ook niet op krediet: een grote lening die je later terug moet betalen. God is geen bank. Hij geeft, eenvoudigweg en zonder verwijt. God leeft vanuit overvloed. Er wordt hier in de bijbel niet maar wat verteld dat niet echt gebeurd is maar wel waar. Er is iets gebeurd. Er is iets mogelijk gemaakt, meer dan normaal. En het was niet maar voor een groepje rijken dat toch al veel had en nu nog meer kreeg. Nee, het gekke was nu juist dat het hier om heel erg gewone mensen ging: Galileeërs, plattelanders, ongeletterden. Als er voor hen meer mogelijk wordt kan er voor mij ook meer mogelijk worden. En het blijkt dat dit ook de bedoeling is aan het eind: Jezus, die deze Heilige Geest uitdeelt, wil dat aan iedereen geven, tot en met aan allen die ver weg zijn en die de Heer, onze God, tot zich zal roepen.

Goed dat alles mag wel wat worden uitgewerkt. Het gaat met Pinksteren om ‘meer mogelijk maken’, 1. omdat er echt Iemand gekomen is, 2. in heel gewone mensen, 3. voor alle mensen.

Marc de Klijn, Pinksteren

Er is echt iets gebeurd, er is echt Iemand gekomen. Dat eerst. Juist dat betekent dat er echt meer mogelijk wordt. Laten we nog eens naar een ander plaatje kijken. Een schilderij van Marc de Klijn, een Joods-christelijke kunstenaar uit Kampen. Het gaat over Pinksteren, in allemaal kleuren, en die kleuren betekenen wat. Hij zegt ervan: “Het blauw links is zacht en staat voor de bange en onzekere mensen, het blauw rechts is hard en kil, en staat voor duisternis, dood, vijandschap. Midden in die wereld knalt een enorme baan van licht (cadmiumgeel) en vuur (vermiljoenrood). Dat is de liefde van God die dóórbreekt. Ze laat het Joodse huis oplichten en zet de discipelen in vuur en vlam. Gods liefde gaat de wereld in.”

Pinksteren betekent dat er echt Iemand in ons leven is gekomen die je kunt vergelijken met zo’n baan licht, en dus dat er meer mogelijk is. Als bezielende, leven gevende, sprekende werkelijkheid komt God in actie nog eens naar zijn volk, naar zijn wereld. Hij is de Schepper, je maker die je door en door kent. Hij is de Redder, Jezus, koning van zijn volk, van zijn wereld. Hij is ook nog een keer God zelf, Geest die liefde is en jou en de ander om van te houden maakt. Licht in je leven: hier ben ik, hier ben ik, roept hij. Zie die baan licht ook maar als een hemels zoeklicht, dat jou zoekt, jou zelf. Je kunt daar wel met je rug naar toe gaan staan. Veel mensen doen dat, denk ik. Ze zien bijvoorbeeld alleen maar het harde en kille en donkere leven. Daar word je cynisch van en moedeloos. Je denkt dan: ach, het gaat toch weer mis, of: met mij wordt het nooit wat. Natuurlijk gaat de aarde kapot en blijven het altijd de dictators en de bureaucraten die aan het langste eind trekken. Mensen veranderen toch niet, of niet echt. Ik ook niet. Dus waarom zou je proberen iets goed te maken of opnieuw te beginnen met elkaar?

Andere mensen staan op een andere manier met hun rug naar het licht toe. Ze zien alleen maar onzekerheid en angst en twijfelen aan alles, inclusief zichzelf. Houdt er echt wel iemand van mij? Ben ik wel de moeite waard? Zijn mensen sowieso de moeite waard? Waar doe je het eigenlijk allemaal voor? In allebei de gevallen kun je niet meer geloven dat er echt meer mogelijk zou zijn, dat er Iemand in je leven zou komen die er wel meer van maakt, Iemand die goed is, licht en liefde en jou daaraan deel geeft. En daar gaat het nu juist wel over vanmorgen. Zo Iemand is gekomen. We hebben er over gelezen: midden in dat leven, met alle duisternis en onzekerheid, staat een groep mensen in het licht, met glanzende ogen, tintelend van leven; ze hebben uitstraling, vrijmoedigheid, activiteit, verwachting. Er is meer mogelijk geworden voor hen. Er is echt zo’n Iemand gekomen die er meer van maakt, Iemand die hun leven in bloei zet. Iemand die ook jouw leven in bloei wil zetten.

En laten we nog maar even extra kijken naar wat hier gebeurd is, want het is nog op een andere manier wonderlijk ook. Het is in Jeruzalem, bijna twee duizend jaar geleden. Het volk Israël heeft dan al een hele geschiedenis achter de rug. En dat was ook toen al geen fijne geschiedenis geweest. Het volk was helemaal verstrooid over alle bekende landen. Anderen maakten de dienst uit in het land. Dat was niet zomaar gebeurd. De Israëlieten hadden niet met God willen leven. Ze waren met de rug naar het licht gaan staan en hadden zich verloren in onzekerheid en in kwaad, zich verlopen in duisternis en angst. Ze hadden God in de steek gelaten en God had gezegd: dan moet je het maar merken ook. En nog maar een paar dagen geleden hadden ze Jezus, Gods eigen Zoon, door de Romeinen laten doden. Je zou zeggen: als dat geen echte ruzie met God wordt, wat dan wel?

En dan wordt het Pinksteren en komt de heilige Geest. Jezus zelf geeft die. God in actie. Zei Johannes al niet dat Jezus zou gaan dopen met de heilige Geest en met vuur? Dat wordt een stevig oordeel dus: Armageddon, bloed en vuur en rook. Maar wat gebeurt er? Al die verstrooide mensen worden in hun eigen moedertaal aangesproken: God heeft Jezus opgewekt en Hij laat hen nog een keer roepen: hier ben Ik. Niet Gods duisternis, maar Gods licht valt in hun leven. Er is vergeving, een nieuw begin, alle verstrooiden mogen zich weer verzamelen rond Jezus Christus en die Geest, die meer mogelijk maakt, is ook voor hen, en voor hun kinderen. Een ten dode opgeschreven en stervend volk wordt opnieuw verzameld en opgericht. Het licht dat hier in het leven valt is het licht van herstel van gemeenschap van Gods volk, van de ervaring van vergeving en vernieuwing van leven. In de kerk is dat later kort op een rijtje gezet in een belijdenis: ik geloof in de Heilige Geest, ik geloof één heilige, algemene, christelijke kerk, ik geloof de vergeving van de zonden, ik geloof de opstanding van het lichaam en een eeuwig leven. Dat is wat hier ergens gebeurt. En het is wat ook in jouw leven gebeuren wil. Ook tegen jou zegt God zelf: hier ben Ik! En wie je ook bent en wat je ook gedaan hebt: zijn licht valt in je leven: kom ook naar Jezus en leef, leef meer dan je je nu nog kunt voorstellen.

En niemand hoeft te denken: nou, niet voor mij. Het gebeurt hier allemaal met heel gewone mensen. De mensen die hier spreken zijn Galileeërs. Daarom is het zo merkwaardig. Wanneer die groep leerlingen van Jezus eigenlijk een internationaal congres van knappe mensen was geweest, dan was het hoogstens bijzonder geweest dat ze samen één boodschap hadden. Meestal worden die congressen het zomaar niet eens. Maar dat ze zo ongeveer alle bekende talen spreken, dat is logisch. Nu zijn het allemaal heel gewone mensen, die normaal alleen hun Aramees spreken en een mondje Grieks (net als wij Engels). Hier is echt Iemand bezig meer mogelijk te maken.

En waar gaat het dan om? Niet maar om dat talen spreken op zich. Dat is hier alleen maar het middel. Middelen dienen altijd een doel. Het doel waar het hier om gaat is heel duidelijk dat er een nieuwe gemeenschap ontstaat rond Jezus Christus, waarin mensen elkaar verstaan, hoe verschillend ze ook zijn. Uit de verstrooiing moet een nieuwe eenheid ontstaan. Uit alle volken een nieuw geheel, een nieuw geheel van heel gewone mensen. Dat is uiteindelijk het meer wat hier mogelijk gemaakt wordt. En als je dat in het geheel van de bijbel nog eens bekijkt, blijkt dat de Heilige Geest nog veel meer middelen heeft die dat doel willen dienen. Het gaat echt om meer mogelijk maken, ook meer en andere dingen dan hier. Gewone mensen spreken in andere talen, ja, en soms ook in bekende talen, maar net de goede woorden. Gewone mensen krijgen wijsheid en inzicht, ja, en soms ook het vermogen om een ander te vergeven. Gewone mensen krijgen een vermogen om te genezen, ja, en soms ook het vermogen om een ander te troosten. Gewone mensen krijgen een vermogen om onbekende ware woorden te spreken, te profeteren, ja, en soms ook het vermogen om er voor een ander te zijn, eenvoudig, zonder wat te zeggen. Gewone mensen krijgen het vermogen om in allerlei klanken te spreken, ja, en soms ook het vermogen om te zingen in de gevangenis of in het ziekenhuis. Gewone mensen krijgen het vermogen om leiding te geven, ja, en soms ook het vermogen om bij iemand schoon te maken. Gewone mensen krijgen het vermogen om te luisteren, echt, ja, en soms ook het vermogen om een mooi feest te organiseren. Er is geen eind aan het noemen van dit soort middelen. Maar als het middelen van de Geest van Jezus Christus zijn, dienen ze altijd het ontstaan van die nieuwe gemeenschap rond Jezus van allemaal verschillende mensen.

Een bijzonder mens hoef je daar dus niet voor te wezen. Je hoeft niet al rijk te zijn voor er met jouw geld meer mogelijk gemaakt kan worden. Het valt juist op dat er voor arme mensen meer mogelijk gemaakt wordt. Het valt op dat er voor slechte mensen vergeving aangeboden wordt. Het valt op dat mensen die zijn vastgelopen in hun leven weer in beweging komen. Het valt op dat een volk dat nog het meest lijkt op een veld vol dorre doodsbeenderen weer tot leven komt en uitgroeit tot een kerk die je over de hele wereld tegenkomt. Niemand hoeft te denken: dat is niks voor mij. Ik ben maar gewoon. Ze slaan mij toch weer over. Dat is alleen voor mensen die al dit of dat hebben. Niemand hoeft te denken: ik ben daar te slecht voor, ik heb al zoveel op mijn kerfstok, want slechter dan bij die gewone mensen hier, die de Zoon van God zelf hebben laten ophangen, wordt het echt niet, en zij mogen toch opnieuw beginnen in nieuw leven. Niemand hoeft te denken: nou ik weet het niet hoor, ik ben maar onzeker, want grotere twijfelaars dan die leerlingen van Jezus hier kom je in de bijbel niet tegen en hier staan ze allemaal te vertellen over wat God wel niet gedaan heeft. En niemand hoeft te denken: maar ik heb al zoveel schuld, moet ik dan nog een lening aangaan? God leent niet op krediet, hij geeft. Hij is God, de God van liefde in overvloed.

Moet ik dan nog meer zeggen over dat dit toch echt voor alle mensen is? Iedereen mag deze nieuwe gemeenschap rond Jezus Christus binnen komen en vergeving krijgen en de Heilige Geest ontvangen. Hoe ver weg je ook bent, hoe ver heen je ook bent, zolang die lichtstraal van God in je leven valt roept Hij je tot zich. En bij Hem is er meer mogelijk. Hij is die Iemand die er meer van maakt. Dan moet je natuurlijk niet met je rug naar Hem toe gaan staan. Dat is zonde. Keer je om en kijk, midden in het leven van onzekerheid en kwaad is hij daar, is daar dat licht. En kijk nog eens: midden in het leven van allemaal losse mensen die elkaar weet ik wat aandoen is daar ook een gemeenschap van mensen die opnieuw mogen beginnen. Allemaal verschillend, allemaal eigen gaven. Moet je eens kijken straks, bij die gavenveiling na de dienst en de maaltijd, wat er allemaal mogelijk is alleen al in ons midden. En het is niet maar voor ons, het is voor iedereen die ook van Jezus wil ontvangen: welkom, welkom, wie je ook bent.

Wie je ook bent. We mogen dat vanmorgen nog eens extra zien ook. Zo meteen gaan we verder met de doop van Thijmen van Aalderen. Thijmen heeft nog niks gepresteerd. Hij is er. We weten ook nog niets van hoe zijn leven verder zal gaan. Misschien bereikt hij wel van alles, misschien verknalt hij de boel wel. Maar wat hij ook doet of laat, hoe het ook gaat, dit verandert nooit: dat de grote God van hemel en aarde in zijn leven staat en hem roept: hier ben Ik! ik wil ook voor jou meer mogelijk maken, jouw leven in bloei zetten. In de naam ook van de heilige Geest gedoopt worden, betekent zo’n hemels zoeklicht in je leven hebben: Thijmen, Ik ben er en Ik geef, ook aan jou, hier ben Ik, Ik zoek jou. Dan blijkt vanzelf wat God voor hem in petto heeft, welke gaven, welke vruchten, wat voor leven, wat voor mens zijn in bloei.

Of we even niet willen vergeten dat het bijzondere op Pinksteren niet zit in mensen, maar in de God die komt. Hij verschijnt als hemels zoeklicht in je leven. Hij zoekt jou en wil ook in jouw heel eigen leven meer mogelijk maken, meer liefde, meer gemeenschap, meer zorg, meer goede daden, meer bewogenheid, meer zending, meer dienst. Midden in het leven, met alle onzekerheid en angst, is daar Jezus opgewekt en geeft Hij zijn Geest. Hij maakt meer mogelijk tot in eeuwigheid. En nee, hij geeft niet op krediet. Hij geeft, eenvoudigweg en zonder verwijten. Dat is het leven. Laat het je geven, vol, bezield, levend en bloedwarm kloppend. Moet je eens kijken wat er dan mogelijk is. Meer, meer, meer, meer. Amen.

gehouden in: Amsterdam-ZW, 31 mei 2009

eerdere versie gehouden in: Loenen-Abcoude, 15 mei 2005

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *