Jezus verbindt

Preek over Lucas 2:36-38

orde middagdienst
welkom
zingen: Psalm 116:1-3 (Liedboek)
votum en groet
zingen: Opwekking 136
gebed
Schriftlezing Lucas 2:22-40
luisterlied Boven is het stil
preek over Lucas 2:36-38
zingen: Gezang 68 (Liedboek)
zingen: NGK 179a
gebed
zingen: Opwekking 399
zegen
zingen: Psalmen voor Nu 145

Zo kan Kerst en Oud en Nieuw ook geweest zijn, nietwaar? Extra stil, tegen wil en dank. Als het bij jou zelf heel anders was — bij je boven in de flat, in dat huis verderop in de straat zou het best zo grijs stil geweest kunnen zijn. December vergroot de verhoudingen waarin je leeft uit. De goede verhoudingen voelen extra goed, de relaties waarin je altijd al wat op je tenen moet lopen vragen extra energie, en de mensen die er niet of niet meer zijn mis je nog meer dan anders. De eerste Kerst zonder je geliefde doet extra zeer. De zesde of twintigste keer Oud en Nieuw alleen schrijnt meer dan op een doorsnee dag in januari.

Allicht vallen je dan ook in het verhaal uit de bijbel dat we net lazen andere dingen op. Simeon was iemand die uitzag naar de tijd dat God Israël vertroosting zou schenken, lazen we. Vertroosting, troost, dat is zo’n woord dat je extra proeft als het stil is. Als door een zwaard doorstoken worden, dat kan je bekend voorkomen als een geliefde door de dood is weggenomen. En dan is er die oude vrouw, Hanna, eindeloos lang weduwe, vanzelf denk je: hoe moet dat wel niet geweest zijn? Nog zo’n detail dat extra op zou kunnen vallen dan: Hanna kwam naar hen toe, ze kwam er bij staan. Als je alleen bent is dat zo’n keuzemoment, nietwaar, als je een groepje mensen ziet staan praten of bezig ziet met elkaar: zal ik erbij gaan staan of zal ik doorlopen, stilletjes? De bevrijding van Jeruzalem, wat het ook mag betekenen, het proeft als opluchting, als samen dansen in de straten, als nooit meer eenzaam zijn.

Ja, laten we ons dit soort dingen eens even op laten vallen. Het zijn van die uit het leven gegrepen dingen waar de Geest van God ons mee aan de hand neemt, zijn boek in, het onderwijs van God zelf in. Als ze je bekend voorkomen en aanspreken, laat je meenemen. Misschien brengt het verhaal ook wel beweging in jouw leven. Zoals Maria en Jozef met het kind Jezus in beweging komen door het onderwijs van de Heer, zo spreekt het woord van God ons aan. En zoals Simeon door de Geest gedreven naar de tempel kwam, zo leeft dezelfde Geest in deze woorden, op zoek naar contact met ons. Anders zou je misschien denken: nou, die hebben het daar wel gezellig samen, mij veel te gezellig, en doorlopen. Probeer eens om er bij te komen staan, net als Hanna hier. Wat zie je? Wat hoor je nog meer?

 

Een paar ouders met een baby, een jongetje, kennelijk hun eerste, want ze komen hem toewijden aan God en het offer brengen dat je voor je oudste zoon hoorde te brengen. Niet meteen iets om bij te gaan staan dus. Gelukkige mensen met een pasgeboren kind, dat combineert niet makkelijk als jouw thuis thuis niet meer is. Net als die diensten in de kerk waar kinderen gedoopt worden, en jij hebt geen kinderen, of je kind is weg, je leven uit gegaan. Dat zijn van die zout-in-een-open-wond momenten. Als je er niet bij hoeft te zijn, des te beter.

Maar dan gebeurt er iets aparts. Er komt een man op hen af. Het is Simeon. Je kent hem wel. Hij is een rechtvaardig man. Hij heeft al heel wat voor je gezorgd. Weduwen en wezen, armen en vreemdelingen hebben zijn aandacht. Hij is vroom ook, dus je bent hem al heel wat tegengekomen in de tempel. En hij is een verwante ziel. Hij verlangt ook naar de tijd dat God Israël zal troosten en bevrijden. Het leven is al zo lang zwaar. Het is meer dan tijd dat God alles eens recht zet en de wereld tot die goede wereld maakt die hij beloofd heeft. Daar zou de messias voor komen, om daarvoor te zorgen. Niet zo lang geleden had je het daar nog eens met hem over gehad. ‘Bij mijn leven nog komt de messias’, had Simeon verteld. Dat had de Geest van God hem laten weten, zei hij.

En nu loopt Simeon op die ouders-met-kind af. Hij neemt het kindje in zijn armen en begint een lied voor God te zingen. Dan moet er wel iets bijzonders zijn. Zo snel als je kunt op jouw leeftijd ga je erbij staan. ‘Met eigen ogen heb ik uw redding gezien’, zingt hij, ‘Als de zon is een licht opgegaan over alle volken, hier in Jeruzalem’. Simeon zingt over dit kindje als de messias zelf, de trooster en de redder van Israël. Dit kindje gaat ervoor zorgen dat er bevrijding komt van onderdrukking, onrecht, uitbuiting, en ja, ook van eenzaamheid. Mensen gaan samen dansen in de straten. Dat is wel de moeite waard om echt even bij te gaan staan.

Tenminste dat vindt Hanna kennelijk. Ze gelooft wat Simeon zingt en zegt. Ze brengt hulde aan God en ze gaat op weg om er met alle andere mensen die uitzien naar de bevrijding van Jeruzalem over te praten. Blijkbaar gebeurt er hier iets met Hanna. Ze komt het verhaal binnen als een hoogbejaarde weduwe, eindeloos lang alleen, ze gaat het verhaal uit als iemand die hoop gekregen heeft en die daar zelf bij ingeschakeld wordt als vertelster: de bevrijder van Jeruzalem is gekomen! de zon is al op aan het gaan, het licht van Gods goede wereld straalt al! Over dit kindje vertellen is wat haar nu verbindt met andere mensen. Jezus verbindt, Hanna met de mensen om haar heen in ieder geval.

Maar ik denk dat wie zich net herkend heeft in dat lied het nu allemaal wel heel vreemd en snel vindt gaan. Het was tenslotte maar wàt stil met Kerst en Oud en Nieuw. En bovendien: Jeruzalem is niet bevrijd van de Romeinen, maar verwoest door de Romeinen. Bijzonder pais en vree is het daar nog altijd niet. Zo is er nog wel meer ook: Simeon zingt over een baby die nog niets kan alsof hij de hele wereld heeft gered van de ondergang. En hoe zat het ook al weer met dat als door een zwaard doorstoken worden, en met dat teken dat weersproken wordt? Dat kindje lijkt eerder een collega-eenzame, een collega-lijder, een collega-vervolgde en -vermoorde te gaan worden. Aan het eind van zijn leven is het in ieder geval gruwelijk stil. Een houten paal. Een luide schreeuw. Mijn God, verlaat mij niet. En in de stilte liet God hem keihard vallen.

En God was niet de enige ook. Alle mensen die Jezus volgden, die zijn leerlingen waren, die hem toegejuicht hadden, ze hadden hem allemaal in de steek gelaten. Wie vorige maand extra eenzaam en alleen was omdat ook geen mens van de kerk naar je omkeek: er is blijkbaar aan mensen niets veranderd. Al voor ze christenen heetten lieten ze Jezus in de steek. Geen wonder dat het nog zo gaat.

 

Goed. Maar stel nu eens dat dat allemaal precies de reden is waarom de heilige Geest ons dit verhaal in trekt. Het zou over vertroosting gaan, over troost, over bevrijding, maar makkelijk zou het niet zijn. Als door een zwaard doorstoken, moet Maria horen. De bevrijder zelf gaat er aan onderdoor. En echt niet strijdend ten onder met een leger getrouwen tegen een grote overmacht, eervol gesneuveld. Nee, in mateloze eenzaamheid door God en mensen uitgespuugd aan een kruis. In Jezus messias komt God zelf naar zijn volk om alle ellende, kwaad, slechtheid, schaamte, eenzaamheid en verlorenheid zelf te dragen, weg te dragen, de dood in. En het betekent maximale eenzaamheid. Dat wat jij ervaren kunt, en dan nog veel meer.

Als het boven stil is en je het gevoel hebt dat ook God je keihard laat vallen, verschijnt hij in dit kind naast je, onder je. Hij verbindt zich met jou. Hij spreekt geen mooie woorden, geen toverformules. Jouw eenzaamheid is echt erg, het vreet aan je. Als er iemand is dat dat beseft is het God, de God van Israël: in al hun benauwdheid was ook hij benauwd. De angst die je wurgt heeft ook hem gewurgd. De stilte die alles wat zo leefde laat verdorren heeft ook hem vervloekt. In hem is het licht opgegaan niet van macht, niet van kracht, niet van geweld, maar van liefde, van nabijheid, van recht en van trouw.

Op de een of andere manier heeft Hanna dat gezien in de baby die Simeon vasthield. Ze was een profetes, staat er. De heilige Geest rustte kennelijk ook op haar. Dezelfde Geest zoekt jou in dit verhaal. Vertroosting zocht je? Bevrijding? Mensen dansen in de straten? Nooit meer eenzaam? Het is al begonnen met dit kind, Jezus. Hij volgt je, waar je gaat of staat. Al voel je je leven als een eindeloos vallen de duisternis in, hij volgt je. Hij is het licht aan het eind van de tunnel dat je nu al gevonden heeft.

Hanna wordt door haar vertrouwen op Jezus ingeschakeld. Ze gaat over hem vertellen aan de mensen om haar heen. Opdracht hoefde ze daar niet voor te krijgen. Van wie trouwens? Jezus is de baby in het verhaal. Toch verbindt hij Hanna nu aan allerlei mensen verder. Als hij is wie hij is heb je altijd iemand om aan te spreken, hoe alleen je verder ook bent. Verder weg dan een gebed is hij nooit. Als hij is wie hij is heb je altijd iemand om over te vertellen, een extra reden om niet stilletjes door te lopen bij een groepje mensen dat staat te praten of ergens bezig is. Je zou wel eens heel belangrijk kunnen zijn voor die ander die je nu nog helemaal niet kent. Je zou wel eens ingeschakeld kunnen worden, verbonden met nog weer anderen.

En ja, dan gebeurt er iets van kerk, van gemeenschap in vertrouwen, van gezamenlijkheid, van lotgenoten-contact. En dat gebeurt meer, en het gebeurt nog. Hanna is ergens ook de eerste ‘weduwe’. In de vroege kerk werden juist de weduwen die niemand hadden om voor hen te zorgen ingeschakeld om zelf te helpen, te spreken, te bidden, te dienen. Ze werden maar niet verzorgd, ze kregen een taak. Op de een of andere manier is dat kennelijk in de Geest van Jezus, in de Geest van God zelf. Als je in al je eenzaamheid Jezus zelf naast je ontdekt hebt, nog eenzamer dan jij omdat hij ook jouw eenzaamheid dragen wil, stimuleert dat om nog eens verder om je heen te kijken. Wie zie je nog meer, om voor te bidden, om aan te spreken, om eens bij te gaan staan?

 

Maar ook als dat allemaal een brug of wat te ver voor je is, is er nog iets. Als Jezus echt is wie hij is, de messias van God zelf, dan is er ook echt iets gebeurd intussen. Dan is de enige echte God onder de goden opgestaan en uit zijn hemel gekomen. Dan is hij zich er zelf mee komen bemoeien. Dan is hij begonnen met de daad bij het woord voegen. Geloven in Jezus Christus is erop vertrouwen dat hij dat allemaal dan ook echt afmaken zal. Nu is de wereld nog kapot. Nu zijn maar al te veel relaties ook kapot en kun je je zelfs midden in de drukte van de feestdagen nameloos verloren voelen. Nu zijn er nog mensen eenzaam en kan het stil zijn, zo stil om je heen. Maar het is begonnen. De tijd van alleen maar woorden en beloftes is voorbij. Het is de tijd van Gods optreden in eigen persoon geworden. Dan volgt de rest ook. Troost voor Israël, de bevrijding van Jeruzalem. En troost voor Israël is troost voor de wereld, de bevrijding van Jeruzalem is de ontknoping van de hele wereld. Mensen dansen in de straten. De zon is bezig op te gaan. Een licht, zo groot, zo schoon, straalt ons in de ogen.

 

Laten we Gods boodschap beamen door in te stemmen met Simeons lofzang.

gehouden te: Amsterdam-ZW, 6 januari 2013
uitgezonden door ZvK op Radio 5: 6 januari 2013

4 gedachten over “Jezus verbindt

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *